8. Boze peuters en kleuters – driftbuien en hoe ze te beheersen

Driftbuien horen bij de normale ontwikkeling van kinderen tussen 1 en 4 jaar. Ze hebben niets met een goede of slechte opvoeding te maken.
Peuters die gaan kruipen en lopen, en simpele woordjes gaan zeggen, zijn dol op ‘nee’. Want ‘nee’ laat zien dat ze een eigen persoontje zijn.
Omdat ze maar weinig woorden kennen, en zich dus niet goed kunnen uitdrukken, worden ze vaak driftig. Driftbuien ontstaan vaak door frustraties.
De kinderen krijgen iets niet voor elkaar, ze hebben honger, iets gaat niet zoals ze willen. En dan gaan ze krijsen, schoppen en slaan. De periode tussen 1 en 4 jaar is de meest agressieve in een mensenleven.
Wat helpt om driftbuien toch een beetje in toom te houden?
Wat niet helpt, is driftige kinderen een mep geven, of tegen ze schreeuwen. Een driftig kind zijn zin geven of afleiden met iets leuks, is ook niet verstandig. Want dan zeg je eigenlijk tegen kinderen dat ze door driftig te worden, hun zin kunnen krijgen.
Wat wél helpt, is kinderen tijdens een driftbui negeren. Troost ze daarna wel, want driftbuien zijn voor kinderen emotionele ervaringen. Ook helpt het kinderen te leren hun gevoelens te verwoorden.
Meestal hebben kinderen na het 4de jaar veel minder driftbuien, maar  helemaal verdwijnen doen ze niet.
Oudere kinderen kun je even apart zetten en bijvoorbeeld naar hun eigen kamer sturen. Praat met het kind als het is ‘afgekoeld’. Laat merken dat je zijn driftbui niet waardeert, maar het kind zelf wel.
Blijven kinderen ouder dan 4 jaar lichamelijk agressief en driftig, of neemt dat zelfs toe, dan is het raadzaam advies of hulp te zoeken. Het gaat dan niet meer vanzelf over als het kind ouder wordt, en de problemen kunnen erger worden.